Pagina's

Posts tonen met het label uitstap. Alle posts tonen
Posts tonen met het label uitstap. Alle posts tonen

maandag, januari 11, 2010

Londen

Binnenkort gaan wij naar Londen. Zijn circus, zijn Waterloo, zijn pancreas, zijn vischips. Ik ben nog nooit in Londen geweest en erg benieuwd. Als er iemand tips heeft, laat maar horen.

We gaan erheen met de trein. Lekker ecologisch verantwoord. En er gaan twee Limburgers mee. Dat doet me denken aan volgende mop:

Een Limburger wil naar Engeland gaan, maar hij kent geen Engels.
'Och', zegt een vriend van hem, 'zeer traag Nederlands spreken klinkt als Engels, ze zullen je zeker begrijpen.'
De Limburger vetrekt naar Londen, waar hij meteen een pub binnenstapt en zich aan de toog zet. Komt er op een gegeven moment iemand naast hem zitten. 'Nu ga ik mijn Engels eens testen', denkt de Limburger en hij zegt heel traag: 'Mijn...heer, ...van...waar...bent...u...af...kom...stig?'
'Ik...ben...van...Lim...bur...g.'
'Oh...ja? ...Waar...om...pra...ten...wij...dan...En...gels...te...gen...el...kaar?'

maandag, november 02, 2009

Prentjes

Vorige week vrijdag met de collega's prentjes van Stefan Vanfleteren weesten kijken in het Wintercircus in Gent.

Wintercircus?
Jawel, tussen Vooruit en Minard ligt een stenen circus. Een gebouw dat zelfs veel Gentenaars niet kennen (later meer over het circus).

De foto's zelf zijn natuurlijk schitterend. Maar 8 euro voor een tentoonstelling waar je 30 minuten later weer buiten stapt, is toch wel een beetje duur (gelukkig betaalde de werkgever). Niettemin: de moeite, niet in het minst vanwege de foto's, maar ook omdat je dan eindelijk dat gebouw eens kunt binnenstappen.






woensdag, november 12, 2008

Dardennen

Het was van het voorjaar geleden dat ons gezelschap zich nog eens collectief buiten de zone had bewogen. Onderzoeken wezen uit dat er weinig kans was op ongeval, ziekte, paniek of burgeroorlog. We trokken onze stoute schoenen aan en verkozen een zesdaagse onderdompeling in het echte buitenleven op vijandig gebied: de Dardennen!
Aardrijkskundigen wijzen terecht op het feit dat La Gleize niet in de Dardennen ligt, maar in de Hoge Venen. Er staan bomen, er liggen bergen en de mensen spreken er overwegend Hollands, dus het moeten wel de Dardennen zijn. Punt.

We huurden we een chalet waar veertien volwassenen in passen, maar feitelijk eigenlijk slechts acht, versleepten we twaalf kubieke meter eten en drinken, vier charetten, een vortex, een krat Cava, een berg houten blokjes, twaalf petanqueballen en zes trappisten van Westvleteren met drie auto's. Om de goden nog wat meer uit te dagen werden ook honden en zuigelingen meegenomen.

De eerste dag was een waar succes: na veel over-en-weer ge-sms en ge-gsm vertrok iedereen op een ander moment. Sommigen moesten onderweg vreselijke rolgeluiden doorstaan. (Rolgeluiden ontstaan door het contact van een rollende band met het wegdek, maar dat blijkt niet normaal te zijn bij een rijdende auto.)
Na anderhalve dag file kwam iedereen moe maar tevreden aan in La Gleize. Het was al donker en in de Dardennen vindt men het niet nodig om elke vierkante centimeter wegdek te verlichten, wat de zoektocht naar het lichtje in de verte nog spannender maakt. Rare jongens, die Dardenners. Na een apropriefje werden kamers goedgekeurd en afgekeurd, het vuur aangemaakt, soep gebakken, huisregels opgesteld (er werd een verbod voor vogels in de slaapkamer uitgevaardigd). Na een avondwandeling viel iedereen pardoes en van de weeromstuit in slaap.


De tweede dag werd een topper van formaat. De morgenstond heeft goud in de mond: Titus is daar ten zeerste van overtuigd en laat dat met veel plezier en vreugde aan de hele wereld weten. Vakanties dienen immers om vroeg op te staan, niet om een stuk uit de dag te slapen.
Iedereen trok meteen zijn stoute schoenen weer aan voor een levensbedreigende wandeling in het bos.



Vuil dat die Dardennen zijn. Dat ligt daar vol met bladjes en geen een Waal die er even met de grove borstel doorheen gaat. Een mens zou nog gaan denken dat Walen lui zijn.

De ochtendwandeling werd afgesloten met een apropriefje en daarna afgelost door een namiddagwandeling. We gooiden ons van rotsen, trotseerden woeste rivieren, wisselden sterke verhalen en heupflessen uit, vielen in ravijnen en over legertanks en moesten noodgedwongen paddenstoelen plukken om wilde eekhoorns op een afstand te houden. We raakten uitgedroogd, -gehongerd en -geput en eenmaal terug in het chalet was het toevallig net tijd voor een apropriefje.


Na het verorberen van een hoeveelheid rolletjes hesp, witloof, kaassaus en aardappelpuree waar een gemiddeld Afrikaans land drie maanden mee gevoed kan worden, speelden we een bosspel met de xbox en koloniseerden we Catan.
's Nachts viel het water met bakken uit de hemel. Gelukkig maar, want de hoeveelheid modder op de Dardeense wegen was overdag schrikbaarlijk geslonken. Een tekort dreigdege.

Dag drie kondigde zich stralend aan. De zon scheen genadeloos. Tubes zonnebrandcrème werden leeggeknepen en de hoelarokjes bewezen hun nut. Vandaag zouden we het professioneel aanpakken. Geen halfslachtige wandelingen van een uur of vier, neen, vandaag trokken we naar de Watervallen van Coo! Wie wil immers geen water zien vallen?
De wandeling was avontuurlijk, we volgden sporen tot de trein ons bijna overreed en moesten op handen en knieën door tunnels, onder prikkeldraad en over rotsblokken. Koeien staarden ons moordzuchtig aan en in de verte ontwaarden we een gert. Of een boom, dat kan ook.
In Coo viel het water met bakken naar beneden. We aten een pannenkoek met tussen-n en suiker en betaalden daar een bedrag voor waar een gemiddeld Afrikaans land drie maanden mee gevoed kan worden.
We raakten uitgedroogd, -gehongerd en -geput en eenmaal terug in het chalet was het toevallig net tijd voor een apropriefje.

Des avonds kregen we af te rekenen met een invasie van robots, gekoloniseerde Catanners en ander gespuis. Onversaagd trokken we ten strijde. Uiteraard wonnen we. Verschillende keren.


's Nachts viel het water met bakken uit de hemel. Gelukkig maar, want de hoeveelheid modder op de Dardeense wegen was overdag schrikbaarlijk geslonken. Een tekort dreeg.

Dag vier kondigde zich stralend aan. Titus kraaide ons wakker en het zonnetje scheen onbehoorlijk. Ploppie manktege en we beslisten om dit keer geen gruwelijke wandelingen meer te maken. Gelukkig was het al snel tijd voor een apropriefje en een slechte film.
's Nachts viel het water met bakken uit de hemel en waaide het zo hard dat er 's morgens een fles Cava in het zwembad gewaaid was. De Sarahi hadden midden in de nacht natuurlijk stappen gehoord. Dat was vast de dader van de Cavaflesmoord. Dat die dader de volle flessen Cava niet had meegenomen was volgens de anderen een reden om aan te nemen dat de Sarahi een te levendige imaginatie hebben. Vooral als het 's nachts regent en waait.

Dag vijf kondigde zich stralend aan. Het waaide en regende. Onze voorraad drinkbaar water was drastisch geslonken en een bezoek aan het nabijgelegen gehucht Spa drong zich op. Spa is het dorp waar de Vlaamse socialistische beweging ontstaan is en waar het bad uitgevonden werd. Voorwaar een belangrijke plaats in de geschiedenis van België.
Een groepje vatte een afgrijselijke rotsbeklimming aan, terwijl de andere helft zich van proviand voorzag in de dichtsbijzijnde afspanning. Zij moesten namelijk de terugtocht naar Gent aanvatten. Honderden kilometers over slechte wegen, langs afgedankte tankstations en door verschillende spooksteden.
De bergbeklimmers wachtte een schitterende point-de-vue. We waren onder de indruk van het zicht op een lelijk gebouw, een parking en een naakte man. Toch nog tetten gezien.
We vervoegden elkaar weer voor een apropriefje. Na het droevige afscheid, scheidden onze wegen. De achtergebleven dames verdrongen hun verdriet met een bezoek van vijf uur aan de plaatselijke kleren- annex schoenenboetiek. Thomas en ik overvielen de lokale buurtwinkel. We kochten 17 kilo ajuinen en een paprika voor de spaghettisaus en wachtten daarna geduldig in de auto tot de dames klaar waren met geld uitgeven. We zongen mee met CPeX: 't Is altijd iets met die wijven en keken naar voorbijrijdende auto's.
Thomas en ik raakten uitgedroogd, -gehongerd en -geput en eenmaal terug in het chalet was het toevallig net tijd voor een apropriefje.
's Avonds plengden we luttele tranen vanwege het vooruitzicht op het einde van de vakantie. 's Nachts viel het water met bakken uit de hemel en waaide het zo hard dat het chalet 's morgens 200 meter verder stond.

Dag zes kondigde zich stralend aan. Het stormde.
We pakten elf kubieke meter eten en drinken, vier charetten, een vortex, geen krat Cava, een berg houten blokjes, twaalf petanqueballen en een trappist van Westvleteren in één auto. Daarnaast bleef er nog ruimte over voor een hond, vier mens en de kleren die de dames de dag voordien gekocht hadden.

De terugtocht werd opgeleukt door Thomas die luidruchtig "bonjour" riep naar mensen die de Grooten Oorlog herdachten en ook door enkele botsingen en bijhorende files. Moe maar voldaan kwamen we in Gent aan. En toen was het tijd voor...

maandag, september 29, 2008

Schoon Schellebelle

Een levensbedreigende wandeling van drie uur door en langs afwisselend een steppe, de bidonvilles van Kalken om overvallen te worden, een ex-winkelcentrum, drie vergeten authentieke Schellebelse huizen, een autosnelweg aan de waterkant, drie bomen en twee bruggen, de Maas, de Schelde of de Rijn (we willen er vanaf zijn) overgestoken op een pluim (of zoiets, alleszins iets ornitologisch) (ah ja: een veer), veel zwalpende fietsers en tenslotte een café alwaar een frisdrank ons opwachtte.

Vooraf had Wendie iemand bevrijd van brood door domweg door het mens hare winkel te wandelen én was het beginnen misten.

De auto's werden verdeeld onder de deelnemers en na een stuk off road in de prachtige stede Melle kon het gezaag een aanvang nemen. Ik heb honger. Ik heb dorst. Is 't nog ver? De sfeer was uitgelaten, zeker toen iemand ook nog in zijn broek kakte.
Fluks vatten we de tocht aan, de boot zonk net niet, het asfalt zag er onberispelijk uit en een hond werd in de aanpalende velden gegooid.

Een fietswedstrijd werd gepland, maar alvorens wij verdacht konden worden van sportieve aspiraties doken wij het veld in. Kenners hadden ons gewezen op een niet te versmaden maar nergens vermeld pluspunt van de wandeling: er was een Straat waar een Café was met een Terras. Na een omtrekkende beweging langs een meers (u leest het goed), twee knotwilgen en een twaalftal medewandelaars die aan hun koortsige blik te zien ook op zoek waren naar hét Terras, zegen wij neer op dat terrasje en gooiden wij het voor de rest van de middag op een akkoord met de weergoden. We bestelden een sloot schuimende substantie en bespraken de toestand in de wereld. Ha, dat was genieten.

Toen ging het alarm af en moesten we dringend naar Kortrijk. Een metropool alwaar alarmen luid en langdurig rinkelen en de buren met knotsen en oerkreten hun ongenoegen duidelijk maken. Terwijl de rest drie flessen Cava ritueel offerde, offerde Steven zichzelf op, enige incidenten deden zich voor, de straat werd schoongespoten en van de weeromstuit en de honger togen wij opgewekt naar het huis van Sarah en Steven, een etablissement dat in zijn kelders autochtone voeding verstrekt per vierkante meter. Dat moesten ze ons geen twee keer zeggen. Manmanman, dat ging er lekker in.
Zingend vatten we de nachtelijke terugtocht aan en bereikten tegen de vroege ochtend de vroede stede Gent. Het was alweer een onvergetelijke dag geweest in het verre boerenland in een feilloze organisatie van Wendie en Sarah.


zondag, juli 27, 2008

Sint-Baafskathedraal

Tijdens de Gentse Feesten - en alleen dan - kan je de toren van de Sint-Baafskathedraal beklimming. Een ideale activiteit voor wie niet aan een rolstoel gekluisterd zit. Als je na een klim van een kleine 10 minuten op de top van de toren staat, ontvouwt zich een prachtig zicht over de stad Gent.